Wat kan waar wel bij de inrichting van Nederland?

Wie

WUR

Looptijd

De onderzoeksgroep doet verschillende onderzoeken rondom dit thema.

Vervolg

Doorlopend onderzoek, o.a. via NGF-aanvraag NL2120.

Nieuwe woningen, duurzame energie, voedselproductie, natuur, waterberging en recreatie leggen allemaal een claim op de Nederlandse ruimte. Tegelijkertijd zijn er grenzen aan de ‘maakbaarheid’ van Nederland, laten de stikstofcrisis, klimaatverandering, dalende biodiversiteit en slechte waterkwaliteit zien. Beter omgaan met onze bodem en water is daarom noodzakelijk, betogen onderzoekers van WUR.

WUR

God schiep de aarde, behalve Nederland, want dat deden de Nederlanders zelf’, luidt een bekende uitspraak. De Zuiderzee droogpompen, het waterpeil van slootjes op een bepaald niveau houden, de grond omkeren voor de landbouw. ‘We zijn in Nederland, zeker de afgelopen 60, 70 jaar, heel erg gewend geraakt om het systeem naar onze hand te zetten’, zegt Bas Breman, projectleider bij WUR. ‘Dat heeft ons veel gebracht, maar nu dringt steeds meer het besef door dat we tegen de grenzen aanlopen.’

Kwetsbaarheid

De keerzijde van die maakbaarheid is een zekere kwetsbaarheid, legt Breman uit. ‘Natuurlijke systemen zijn een groot deel van hun veerkracht verloren. De zware bewerking van landbouwbodems gaat ten koste van de bodemkwaliteit en het vermogen om water op te slaan. Alle ingrepen om het water snel af te voeren maken dat we nu een tekort hebben in droge periodes.’ Vanwege klimaatverandering en weersextremen hebben we die veerkracht hard nodig, benadrukt hij en daarom is het goed de bodem- en watersystemen weer meer centraal te stellen bij alle ruimtelijke ontwikkelingen. Water en bodem sturend betekent dat we bij alle ruimteclaims en ruimtelijke ontwikkelingen, zoals wonen en energie, het natuurlijke systeem als vertrekpunt nemen. Denk aan het reliëf in het landschap, de ondergrond, de bodem, het watersysteem, de ecologie en het landgebruik. ‘Dat is de basis en bepaalt wat je ergens wel of niet kunt doen.’

Slim natuurbeheer

Daarvoor moeten we letterlijk gaan omdenken en slimmer omgaan met de natuur, zegt Breman: ‘Door de meest vruchtbare bodems te gebruiken voor voedselproductie en nieuwe woningen in verband met de zeespiegelstijging op hoger gelegen gebieden bouwen. Het zoete drinkwater zo goed mogelijk vasthouden en op bepaalde plekken overstappen op andere gewassen, andere bedrijfssystemen en andere manieren van bouwen.’ Het benutten en versterken van het natuurlijke systeem levert veel voordelen op, legt hij verder uit.

De aanplant van verschillende planten op dijken zorgt er niet alleen voor dat deze dieper wortelen en de dijk verstevigen, maar is ook gunstig voor de biodiversiteit. Het langer vasthouden van het water in de beekdalen op de zandgronden zorgt verder voor een grotere zoetwaterbeschikbaarheid die uiteindelijk meerwaarde kan hebben voor landbouw én natuur. Breman: ‘Ook in hun directe leefomgeving 

kunnen mensen het natuurlijk systeem versterken en daar direct van profiteren. Door meer groen in je eigen tuin of balkon te planten, worden steden koeler, gaan meer mensen bewegen en blijven ze gezonder.’

Wat kan waar

De onderzoeker verwijst naar het rapport ‘Niet alles kan overal’ over de aanpak van de stikstofproblematiek uit 2020. ‘De vervolgvraag is: maar wat past waar wel? Wat is het natuurlijke kapitaal op een bepaalde plek en hoe kun je dat zo goed mogelijk verbinden aan de huidige opgaven waar we als samenleving voor staan? We hebben voedsel, energie en huizen nodig, en we moeten ook de klimaatverandering tegengaan.’ Zijn onderzoeksgroep werkt al jaren aan onderzoeken rond het thema water en bodem sturend. 

De Natuurverkenning, elke vier jaar met het Planbureau voor de Leefomgeving, is een voorbeeld. In de laatste editie is gekeken naar hoe Nederland in 2050 natuurinclusiever kan worden. ‘In plaats van Nederland op te delen in gebieden voor wonen, bedrijven en landbouw, zoals we de afgelopen decennia hebben gedaan, maken we de natuur weer meer nadrukkelijk onderdeel van onze leefomgeving’,  licht hij toe, ‘en daarmee benutten we ook de veerkracht ervan voor opgaven zoals klimaatverandering.’ Ook ontwikkelden collega’s van Breman de kaart ‘Nederland in 2120’. Dit is een visie op hoe ons land er over honderd jaar uit kan zien als de natuur de basis is van de ruimtelijke inrichting en welke keuzes we daar nu al voor moeten maken. 

Stijgende belangstelling

Water en bodem sturend het land inrichten gebeurt al op kleine schaal, maar het is een uitdaging om het op te schalen, heeft Breman gemerkt. De belangstelling groeit wel sinds het thema vorig jaar in de kamerbrief van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat ‘een heel belangrijk uitgangspunt’ is genoemd en het ook binnen het nieuwe Nationale Programma Landelijk Gebied een belangrijk principe is. ‘Veel overheidsinstanties zijn geïnspireerd door onze onderzoeken en willen er iets mee’, zegt hij. ‘Ook bij bedrijven is nu het idee doorgedrongen dat ze hier iets mee moeten. Banken,  projectontwikkelaars of bouwbedrijven bijvoorbeeld. Naar aanleiding van de kaart ‘Nederland in 2120’ hebben we honderden verzoeken ontvangen om presentaties te geven.’

Nek uitsteken

Bij deze herinrichting moeten ook nieuwe dingen uitgeprobeerd worden, experimenten waarvoor mensen hun nek uitsteken, zegt hij ook. Bijvoorbeeld rijstteelt in het veenweidegebied met een hoog waterpeil. ‘Het is nog niet zeker of daar een verdienmodel aan zit en je krijgt ongetwijfeld tegengas vanuit je omgeving. Hoe kun je daar dan mee omgaan?’ De slogan van de WUR ‘Finding Answers Together’ is hier toepasselijk, zegt hij, want: ‘We hebben veel kennis in huis, maar weten ook niet alles. We kunnen dit soort maatschappelijke zoektochten wel begeleiden en meedenken vanuit verschillende invalshoeken om een gesprek op gang brengen, over wat wel of niet werkt.’

Ingrijpend maar nodig

Anders eten, wonen, bouwen of een boerenbedrijf runnen, is natuurlijk nogal ingrijpend en Breman benadrukt daarom hoe belangrijk het is om samen met de betrokkenen op te trekken in het proces. Gezamenlijk doorgronden hoe het natuurlijk systeem werkt, je verdiepen in nieuwe vormen van landgebruik, nieuwe verdienmodellen, maar ook kijken naar hoe bepaalde ingesleten gedragspatronen anders kunnen en te accepteren dat sommige dingen niet langer zo door kunnen gaan. Die sociaal-maatschappelijke kant wordt nog wel eens vergeten en is misschien wel de grootste uitdaging.’ Deze herinrichting van Nederland is ingrijpend, maar heeft veel voordelen, vat Breman samen. Bovendien als we het niet doen, zijn we veel verder van huis. ‘Door onze bodem en het water te beschermen en te versterken, houden we de natuur en landbouw gezond en daar plukken we letterlijk en figuurlijk de vruchten van.’

Deel dit artikel

Probleem

De grenzen aan de ‘maakbaarheid’ van Nederland leiden tot verstoring van natuur- en biodiversiteit. Klimaatverandering vraagt een andere aanpak.

TO2-oplossing

WUR onderzoekt manieren om ‘water en bodem sturend’ centraal te stellen bij alle ruimtelijke ontwikkelingen. Door de meest vruchtbare bodems te gebruiken voor voedselproductie, nieuwe woningen in verband met de zeespiegelstijging op hoger gelegen gebieden te bouwen en op bepaalde plekken over te stappen op andere gewassen, andere bedrijfssystemen en andere manieren van bouwen.

Impact

Een aantrekkelijke ruimtelijke inrichting van Nederland. Het benutten en versterken van het natuurlijke systeem is niet alleen gunstig voor de natuur en biodiversiteit, ook mensen profiteren ervan. Door meer groen in je eigen tuin of balkon te planten, worden steden koeler, gaan meer mensen bewegen en blijven ze gezonder.