Cybercrime bestrijden met universele cybertaal

Wie

TNO in samenwerking met NFI, INTERPOL en andere partijen.

Looptijd

Het maken van de CASE-koppeling in Hansken duurde zes maanden.

Vervolg

TNO werkt aan het CASE-proof maken van tools die fraude en witwassen kunnen detecteren in het 'DEFRAUDify' project.

Budget

50.000 euro

Om cybercrime te bestrijden, is internationale samenwerking door opsporingsdiensten belangrijk. Het NFI was één van de initiatiefnemers voor een ’taal’ om dit mogelijk te maken. TNO is een van de partijen die deze CASE-taal verder ontwikkelt om gegevensuitwisseling tussen internationale opsporingssystemen te vergemakkelijken.

Het slachtoffer is Nederlands, de crimineel Spaans, de software is in Tsjechië gemaakt en draait op een Poolse server. Cybercrime kent geen grenzen. Om deze vorm van criminaliteit te bestrijden, is internationale samenwerking door opsporingsdiensten belangrijk. Maar in de praktijk is dat lastig. ‘Cybercrime bestond vijf jaar geleden nog nauwelijks’, zegt Freek Bomhof, business consultant Data Science for Safety & Security bij TNO. ‘Het is een nieuwe vorm van misdaad, verandert continu en dat maakt samenwerken complex. Als Nederlandse rechercheurs met andere landen een zaak onderzoeken, is er vaak een taalbarrière. Je grijpt naar het Engels, maar niemand spreekt het perfect. En in de context van het ene land is de definitie van een wallet of hidden server net iets anders dan in het andere land, waardoor spraakverwarring kan ontstaan.’

Serie afspraken

Het kan maanden duren voordat een ander land een rechtshulpverzoek honoreert. Om die internationale samenwerking te vergemakkelijken, ontwikkelde het NFI samen met andere partners een internationale taal: Cyberinvestigation Analysis Standard Expression (CASE). Bomhof: ‘Het is een computertaal met een serie afspraken van woorden en definities die onderling zijn gemaakt. Zo van: als wij deze term gebruiken, dan is dat de exacte definitie. Dat is belangrijk, want als je een zaak voor de rechter brengt, moet het voor iedereen glashelder zijn hoe het bewijs tot stand is gekomen.’

Hansken

Het NFI gebruikt voor het vastleggen en analyseren van sporen het dataplatform Hansken. Het probleem was dat dit systeem nog geen CASE sprak. TNO heeft in 2021 een module gemaakt die het mogelijk maakt dat Hansken in de CASE-taal gegevens kan uitwisselen met andere internationale opsporingssystemen. ‘We hebben een koppeling gemaakt binnen Hansken met CASE, zodat Hansken gegevens met andere informatiesystemen kan uitwisselen.’

CASE community

TNO heeft ook een bijdrage geleverd aan uitbreiding van de woorden en termen van CASE. ‘We hebben een lijst van begrippen en definities ontwikkeld, in samenwerking met INTERPOL, voor crypto munten en ondergrondse marktplaatsen’, vertelt Bomhof. TNO blijft actief in de CASE community en roept andere organisaties op die veel met cybercrime-data werken om zich bij de community aan te sluiten. ‘Het leuke was dat we met dit Hansken-project de Impact Award hebben gewonnen tijdens het jaarevent van onze business unit. In korte tijd en met weinig budget konden we dit voor elkaar krijgen en dat maakte bij iedereen indruk.’

Deel dit artikel

Probleem

Digitale misdaad laat zich niet beperken door landsgrenzen. Bij het opsporen van deze cybercrime moeten internationale politiediensten nauw samenwerken. De uitwisseling van digitale informatie is lastig omdat veel internationale systemen niet ‘dezelfde taal’ spreken.

TO2-oplossing

Het NFI gebruikt voor het vastleggen en analyseren van sporen zijn dataplatform Hansken. Het probleem was dat dit systeem nog geen ‘CASE’ sprak, een gemeenschappelijke cybertaal om gegevens op internationaal niveau met elkaar uit te wisselen. TNO ontwikkelde een module waardoor Hansken in de CASE-taal gegevens kan uitwisselen met andere opsporingssystemen.

Impact

Door de verdere ontwikkeling van CASE kunnen rechercheurs uit verschillende landen sneller betrouwbare gegevens uitwisselen om internationale cybercrime aan te pakken.