In 2050 moeten alle Nederlandse woningen van het gas af om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen. We moeten miljoenen woningen anders verwarmen, bijvoorbeeld met geothermie. En daar zijn nieuwe infrastructuren en regels voor nodig. Deltares, TNO en KWR werken samen met partijen uit de warmtesector aan de puzzel.
Een warmtenet is een soort centrale verwarming: ergens in de wijk is een warmtebron een centrale ‘ketel’ – en via buizen stroomt het warme water vanuit de bron naar de huizen. De meeste warmtenetten zijn nog relatief klein en leveren warmte voor één nieuwbouwwijk. Nederland telt momenteel grootschalige warmtenetten in zo’n zeventien steden; samen verwarmen ze 300.000 woningen (Warmtemonitor 2019).
Collectieve warmtesystemen
Ruim een miljoen huizen in 2030 verwarmen via ‘netten’ vraagt om een andere manier van denken: van kleine warmtenetten naar collectieve warmtesystemen. Dit zijn complexe constructies die warmte moeten kunnen halen uit het water én de ondergrond, deze opslaan en leveren aan afzonderlijke huizen. De bronnen – aquathermie en geothermie – hebben verschillende temperaturen en volumes. Dat is een technische uitdaging voor transport en opslag. Gerda Lenselink, strategisch adviseur bij Deltares: “Bestaande bouw aanpassen is de grote opgave. We moeten opschalen, verduurzamen en kosten verlagen als we de CO2-vermindering uit de klimaatdoelen van Parijs willen halen.”
Gezamenlijke vooruitgang
Voorheen werkten bedrijven, particulieren en overheid apart aan stukjes van de oplossing. Alle schakels uit de warmtesector zijn nu bij elkaar gebracht in het project WarmingUP: van warmtebedrijven tot gemeentes en waterschappen. TNO is penvoerder voor het collectief WarmingUP, dat verder bestaat uit de onderzoeksinstituten Deltares en KWR en 35 deelnemers.
TNO coördineert de slimme aansturing van warmtenetten, geothermie en sociaal-maatschappelijke inpassing van wamtenetten. KWR coördineert het onderzoek naar mogelijkheden voor hoogtemperatuurwarmte-opslag. Deltares richt zich op de aanleg van grootschalige infrastructuren en aquathermie. WarmingUP zorgt dat alle nieuwe informatie bij de juiste partijen terecht komt, zodat zij de inzichten meteen in de praktijk kunnen toepassen. Deltares heeft bijvoorbeeld in kaart gebracht hoeveel warmte uit aquathermie, waar én tegen welke prijs kan worden gewonnen en geleverd. De potentie-berekeningen zitten inmiddels ook in de modellen van het Planbureau voor de Leefomgeving. Lenselink: “Aquathermie is pas een serieus duurzaam alternatief als je kunt berekenen welke potentie het heeft in een bepaalde wijk.”
Betaalbaar en betrouwbaar
Naast de technische aspecten is er aandacht voor de sociaal-maatschappelijke kant van warmtenetten, vertelt ze. “Niet elke locatie heeft dezelfde bronnen. Hoe zorgen we dat het betaalbaar en acceptabel is voor de eindgebruiker? Hoe kunnen gemeenten, woningcorporaties en warmtebedrijven het aantrekkelijk maken om voor een collectief warmtesysteem te kiezen? WarmingUP legt de verbindingen zodat we dit samen kunnen vormgeven.”